In de bundel Mijn bedroefde stad zijn gedichten samengebracht van Fadwa Toeqaan, Mahmoed Darwiesj, Samieh Al-Qasim, Hanna Ibrahim, Salim Jabraan, Jabra Ibrahim Jabra en Tawfieq Az-Zajjaad. Dr. Ed de Moor, tweelingbroer van Wam de Moor, is verantwoordelijk voor de keuze van de gedichten.
 |
Twintig jaar na het eigenlijke ontstaan van deze bundel gedichten heeft de politieke lading ervan, helaas, nog niets aan kracht ingeboet.
Men kan zelfs vaststellen dat de verhouding tussen Israëli’s van Palestijnse afkomst door het geweld van beide zijden verslechterd is vergeleken bij 1982. In dat jaar vormde de massamoord door christelijke Libanese milities op honderden vluchtelingen in de kampen Sabra en Sjatilah voor Ed de Moor de concrete aanleiding om zijn vertalingen uit de poëzie van Palestijnse Israëli’s te bundelen.
Het resultaat van deze bundeling van men in “Mijn bedroefde stad”. Een titel die voor zichzelf spreekt en aanduidt hoeveel leed en droefnis er op deze plek in de wereld bestaat.
De kwaliteit van de vertalingen laten zien hoe goed Ed de Moor thuis was in deze dichtkunst em met hoeveel liefde voor literatuur hij het werk van deze Palestijnse dichters in het nederlands vorm heeft gegeven.
In 2000 stierf Ed, na een leven dat zich ten dele in Libanon en Egypte had afgespeeld en dat hij, als arabist verbonden aan de Katholieke Universiteit Nijmegen en later als directeur van het Instituut voor Oosters Christendom te Nijmegen, voortzette met een nimmer aflatende concentratie op de moderne Arabische literatuur.
In 1982 was de eenvoudige uitgave van de verzameling gedichten gereed. Na een rijpingsproces heeft Wam de gedichten terug bekeken en ze hier en daar bijgewerkt en méér punten, komma’s en puntkomma’s geplaatst.
Wam de Moor is literair criticus en columnist
|