Zijn naam is helemaal vergroeid met The Scene, de Nederlandstalige rockband die ons eind jaren tachtig trakteerde op tijdloze songs als ‘Blauw’, ‘Iedereen is van de wereld (en de wereld is van iedereen)’, ‘Open’, ‘Slapen, dromen, zweten’, en ‘Schaduw van het kruis’. En zijn stem behoort tot één van de meest intigrerende uit het Nederlandse popcircuit.
 |
Sinds zijn solo-album uit 2002, dat een verpletterende media-aandacht genoot, is Thé Lau (50) nog gedrevener bezig. Solo is de zanger rigoureus en zelfbedacht. Hij jankt en kreunt tegelijkertijd. Hij schildert met woorden. In korte sobere teksten zet hij trefzeker een tafereel neer dat zich terstond nestelt in het hoofd van de luisteraar. Het zijn zéér gedreven nummers, die zich afspelen in het schemergebied tussen waarheid en schoonheid, tussen kroeg, moskee en kerk.
In een zonovergoten, bijna volgelopen openluchttheater wordt de drive van zijn rockband afgewisseld met de verstilde intimiteit van een accoustische set. Zijn karakteristieke zangtoon is gebleven in zijn meeslepende levensliederen. In de fameus op dreef zijnde begeleidingsband speelde zowaar de zoon van Rob Hoeke, sologitaar. Volgens Lau himself, behoorde de Haagse r&b-pioneer tot één van zijn jeugdidolen.
Thé Lau’s concert is er één van pure, harde eenvoud. Al zijn successen passeren de revue. Theatrale rookwolken en literaire teksten zijn vaste attributen. Een combinatie van soberte en ruigheid, met een nasale stem die ergens zweeft tussen Bob Dylan en de rauwe schoonheid van Tom Waits. Zijn teksten vormen een voorbeeldige mengeling vol kracht en poëzie.
Tijdens ‘Feest’ uit de magistrale ‘Avenue de la Scene’-CD biggelden er tranen over mijn wangen. Zomaar, nooit eerder gehad bij een concert. Wel kippenvel .... maar een traan. De gedachten dwaalden naar Rob Eykens, één der dynamische voorvechters van het betere Nederlandstalige lied, die ons jammer genoeg te vroeg verliet. Zijn strijd is gestreden, wat het waard was zal moeten blijken.
Met zijn solo-uitstap bewijst de dichter dat het rockershart in hem nog altijd klopt. In de broeierige titelsong ‘De God van Nederland’ geeft hij met kleine woorden uiting aan grote gevoelens. Hij schept zijn eigen wereld met een kernachtige, bijbelse taal, die uniek is in de Lage Landen. De teneur is overwegend melancholisch, maar glijdt nooit af naar zwartgalligheid. Op zijn best als hij veel suggereert met weinig woorden zoals in ‘De Haven’ en ‘De Rivier’. Songs die meer schilderijen, dan liederen zijn. Thé Lau bericht over leven, dood, vriendschap van over het graf heen en liefde in tijden van oorlog.
Deze voorstelling toert in november dit jaar ook langs enkele Vlaamse Culturele Centra (o.a. Turnhout, Roeselare, Houthalen-Helchteren, Brussel, AB, Eeklo enz.) - meer inlichtingen: www.thelau.com - niet te missen !!!
P.S. Indien je nog niets van The Scene in huis mocht hebben is de verzamel-CD ‘Rauw, Hees, Teder’ een verpichte aanschaf. Ik zal er rigoureus (zeer streng) op toezien.
Onze beoordeling over het live-optreden en zijn CD: *****
(Ingezonden door Luc Stabel)
|